| Aanscherping SDE+ in 2012 |
|
|
|
Per november 2011
De Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE+) wordt komend jaar aangescherpt. Dat schrijft minister Verhagen (EL&I) in een brief aan de Tweede Kamer. Het budget stijgt naar € 1,7 miljard. Het is de bedoeling de SDE+ op 31 januari 2012 open te stellen. In de brief wordt ook ingegaan op de resultaten in 2011.
Openstelling 2012
In 2012 komen ook voor het eerst warmteprojecten in aanmerking. Daarnaast kan ook warmtekrachtkoppeling op basis van geothermie en vergassing voor het eerst meedingen. Ook wordt de SDE+ opengesteld voor de gezamenlijke productie van elektriciteit en/of warmte door groengashubs. Ook producenten van ruw biogas kunnen zich in 2012 aansluiten op een WKK- of warmtehub.
Het gaat hier om hubs waarin het ruwe biogas wordt verzameld om in een gezamenlijke WKK-installatie of ketel te worden omgezet in elektriciteit en/of warmte. Er is alleen een aparte hubcategorie indien daar kostenvoordelen aan zitten. Voor de categorieën waarbij dat niet het geval is (allesvergisting groen gas en warmte, en mestcovergisting warmte) is het wel mogelijk om een hub te vormen, maar worden geen aparte basisbedragen gehanteerd.
Met het oog op kosteneffectieve productie van duurzame energie worden verder ook categorieën in de SDE+ 2012 opgenomen voor biomassaprojecten die aan het einde van de looptijd van hun MEP-subsidie zijn gekomen en nog door kunnen draaien. De variabele kosten (de biomassa) zijn dermate hoog dat de installaties nog niet concurrerend zijn. Het is goedkoper deze projecten onder de SDE+ door te laten draaien dan een nieuwe installatie neer te zetten. De looptijd voor deze categorieën wordt 12 jaar.
Eigen gebruik en banking
Om zo veel mogelijk van het potentieel aan duurzame energie te benutten en de rentabiliteit van projecten verder te vergroten, wordt met ingang van 2012 ook de geproduceerde elektriciteit die niet op het net wordt ingevoed, maar direct in het eigen bedrijf wordt gebruikt, subsidiabel. Dit geldt ook voor eigen verbruik van hernieuwbare warmte.
Om de financierbaarheid van projecten te verbeteren en risico’s te verminderen wordt het met ingang van 2012 mogelijk (met uitzondering van windenergie) om gemiste subsidiabele productie in latere jaren in te halen, het zogenaamde banking. Aan het einde van de subsidieperiode krijgen producenten nog één jaar om gemiste subsidiabele productie in te halen. Verder wordt het mogelijk voor bestaande projecten om productie die met ingang van 2012 wordt gemist te banken. Voor wind op land, wind in meer en wind op zee blijft in 2012 de zogenaamde windfactor gehandhaafd, waarmee het risico voor de exploitant om ondersteuning mis te lopen reeds wordt afgedekt.
De regeling wordt weer opengesteld in fases, waarbij goedkopere projecten eerder de gelegenheid krijgen om in te dienen dan duurdere projecten. Met de nieuwe warmtecategorieën en de grote belangstelling voor de eerste fase in 2011 is er ruimte om te beginnen met een lager bedrag. Daarom krijgen in 2012 producenten voorrang als ze genoegen nemen met een subsidie van maximaal 7 €ct/kWh voor elektriciteit, 48,3 €ct/Nm3 voor groen gas en 19,4 €ct/GJ voor warmte. Zolang er budget beschikbaar is, komen in volgende fases duurdere projecten aan bod. De basis van de SDE+ blijft ongewijzigd.
Resultaten 2011
Op 1 juli 2011 werd de SDE+ opengesteld met de eerste fase. De belangstelling was enorm en al in de eerste twee weken na de openstelling werd voor circa € 1,5 miljard aan aanvragen ingediend. De aanvragen hadden betrekking op dertien verschillende categorieën. Van het beschikbare budget van € 1,5 miljard gaat € 1 miljard naar groengasprojecten.
Ook is duidelijk geworden dat ruim 85% van het aangevraagde budget tot en met 31 augustus 2011 is ingediend voor een bedrag dat lager is dan het door ECN berekende basisbedrag.
Nagenoeg het volledige beschikbare budget van € 1,5 miljard wordt dan ook toegekend aan projecten die in de eerste fase hebben ingediend. Dat betekent dat deze projecten productiekosten kennen van maximaal € 0,09/kWh voor hernieuwbare elektriciteit. Voor groen gas komt dit overeen met maximaal € 0,62/Nm3.
|